Gemeenten en maatwerk: meer ruimte voor specifieke doelgroepen

Publicatiedatum: 6 juli 2026Laatst bijgewerkt: 7 juli 2026Dossier: AnalyseGelezen: 15

Bijna alles in dit dossier gaat over wat er zwaarder of strenger wordt. Eén verandering doet het omgekeerde: ze geeft gemeenten meer ruimte om specifieke groepen te helpen. Artikel 1.13 verdwijnt en de regeling voor die doelgroepen verhuist naar lagere regelgeving. In dit stuk lees je wat dat inhoudt, voor welke gezinnen het telt, en welke kanttekeningen er nog bij horen.

Wat er verandert

In de huidige wet regelt artikel 1.13 de ruimte voor specifieke doelgroepen. Dat artikel vervalt in het nieuwe stelsel, en de regeling verhuist naar een algemene maatregel van bestuur (AMvB). Gemeenten krijgen daarbij meer ruimte om voor bepaalde groepen een deel van de opvang te vergoeden — vanuit de gedachte dat zij die groepen beter in beeld hebben dan het Rijk. De verhuizing naar een AMvB heeft één praktisch voordeel: een wetswijziging kost al gauw twee jaar, terwijl een AMvB veel sneller kan worden aangepast. Zo houdt het wetsvoorstel ruimte open om later gerichter bij te sturen.

Voor welke groepen dit telt

Wat abstract klinkt, werd in het commissiedebat van 25 juni heel concreet. Er passeerden vier situaties waar de huidige regels knellen:

  • Gezinnen met een sociaal-medische indicatie (SMI). Zij kunnen nu via de gemeente opvang krijgen, maar moeten vaak elk half jaar opnieuw worden gekeurd — een bewerkelijk en onzeker traject.
  • Ouders in de bijstand. Voor hen is opvang dubbel waardevol, maar de toeslag is zó ingewikkeld dat zelfs gemeenten in de regels verdwalen; het type participatietraject bepaalt mede het recht, wat tot fouten en gemiste kansen leidt.
  • Grensregio's, zoals Zeeuws-Vlaanderen. Omdat kinderen in België vanaf jonge leeftijd vrijwel gratis naar school kunnen, wijken gezinnen uit over de grens — met leegloop bij Nederlandse locaties tot gevolg. Gemeenten wilden gratis opvang aanbieden, maar liepen vast: ze mogen de eigen bijdrage van ouders niet vergoeden zolang die ouders kinderopvangtoeslag ontvangen.
  • Kwetsbare wijken. In het kader van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid wordt in sommige wijken al gratis opvang uitgerold.

Wil je up-to-date blijven?

Blijf op de hoogte van de ontwikkelingen rond de DAEB-aanwijzing en de nieuwe financiering van kinderopvang.

Schrijf je gratis in voor de nieuwsbrief van KDV Online.

Schrijf je in

De kanttekeningen

Zo aantrekkelijk als het klinkt, zoveel haken en ogen zitten er nog aan — drie kwamen er in het debat naar voren.

Timing. De wijziging loopt mee in het wetstraject, dus realistisch speelt ze pas rond 2028. De minister kijkt of het eerder kan, maar erkende zelf verrast te zijn hoe lang wetgeving duurt.

Dekking. De nieuwe ruimte werkt alleen als er geld beschikbaar is én een politieke meerderheid voor. Ruimte op papier is nog geen ruimte in de praktijk.

Twee stelsels. Het bestaande stelsel (met SMI en indicaties) en het nieuwe blijven voorlopig naast elkaar bestaan, met verschillen tussen gemeenten. Dat maakt het geheel niet per se eenvoudiger — terwijl vereenvoudiging juist een doel van de operatie is.

Wat dit voor jou betekent

De kern voor jou als aanbieder: de gemeente wordt een relevantere gesprekspartner. Zij krijgt meer te zeggen over wélke groepen in jouw omgeving (deels) vergoede opvang kunnen krijgen — wat je klantenkring en bezetting kan raken, zeker in een grensregio of een kwetsbare wijk. Omdat de invulling pas bij AMvB komt en rond 2028 speelt, is nú het gesprek met je gemeente aangaan zinvoller dan iets omgooien. De ontwikkelingen en bronnen houden we bij in het juridisch dossier .

Bronnen

Het schrappen van artikel 1.13, de verhuizing naar een AMvB en de genoemde doelgroepen (SMI, bijstand, grensregio, kwetsbare wijken) komen uit het commissiedebat van 25 juni 2026; die uitspraken zijn opgetekend uit het debat, het officiële woordelijk verslag (Handelingen) is leidend. De opzet van de wet is ontleend aan het conceptwetsvoorstel.

Volledig overzicht van alle brondocumenten in dit dossier — inclusief status en fase. Naar het Juridisch dossier 2029

Wat betekent dit voor jóuw organisatie?

De artikelen op KDV Online leggen uit wát er verandert. De overstap naar het nieuwe financieringsstelsel raakt élke kinderopvangorganisatie — klein of groot, bv, stichting, eenmanszaak of vof. De nieuwe Wet financiering kinderopvang vraagt aanpassingen in je structuur, je administratie en je verantwoording, en die voorbereiding begint niet in 2029, maar nú.

De DAEB heeft bedrijfseconomische gevolgen — voor je rendement, je tarieven, je vermogensopbouw en de manier waarop je je financiering en structuur inricht. Dat zijn geen zaken die je op het laatste moment regelt. Wie te laat begint, kan straks niet meer bijsturen; wie nu voorbereidt, staat klaar voor de toekomst.

Binnenkort komen er tools, levende dossiers, webinars en opleidingen waarmee je de gevolgen voor jóuw situatie concreet in beeld brengt en je stap voor stap voorbereidt: waar je staat, wat je moet regelen, en wanneer. Wil je als eerste horen zodra dat er is?

Ik wil weten wat dit voor mij betekent

Zorgvuldig samengesteld — en open voor jouw kennis. Deze informatie is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld en gebaseerd op officiële bronnen. Zie je toch iets wat volgens jou niet klopt, of heb je een vraag? Laat het ons weten

Jeroen Pernot, eigenaar van KDV Online
Eigenaar KDV Online

Jeroen Pernot

Jeroen is oprichter van KDV Online. Zijn missie: grip op kinderopvang. Hij vertaalt de complexe stelselherziening richting 2029 naar de praktijk — van Kamerdebatten en adviezen tot wetgeving. Zo weet jij waar je aan toe bent en maak je onderbouwde keuzes.

De DAEB vraagt voorbereiding. Wil je sparren over wat dit voor jouw organisatie betekent? Ga dan met Jeroen in gesprek.

Ik houd je ook graag op de hoogte van de ontwikkelingen binnen het kerndossier DAEB Kinderopvang 2029. Meld je aan voor de nieuwsbrief en je bent als eerste op de hoogte.

Kostenprognose 2027

Met de Kostenprognose bereken je gratis de verwachte kostenstijging voor 2027, volgens de Ayit-methode. De inflatiecorrectie voor 2026 is al verwerkt, en je vult zelf je eigen cijfers in de velden in — zo krijg je een prognose die past bij jouw organisatie. Je ziet in één oogopslag hoeveel je kosten naar verwachting toenemen, wat de basis vormt voor een onderbouwd tariefbesluit voor het komende jaar.

Tarieventool 2027

Met de Tarieventool bereken je de netto bijdrage van alle inkomensklassen en zet je die af tegen de stijging van het netto loon als gevolg van je geplande prijsstijging. De KOT-tarieven voor 2027 zijn gebaseerd op de berekeningen van Ed Buitenhek (+3,3%). Je slaat verschillende scenario’s op en vergelijkt ze naast elkaar, zodat je precies ziet wat een tariefwijziging voor elke inkomensgroep betekent — en de uitkomsten kunt downloaden en delen met je oudercommissie.

Rekentool voor ouders

De meeste berekeningen gaan uit van het toeslagvoorschot. Deze rekentool corrigeert naar de eindafrekening: wat ouders na de definitieve toeslagberekening werkelijk betalen. Zo zie je de échte netto kosten van jóuw dienstverlening. En in 2027 dalen die voor veel ouders juist — terwijl jouw eigen kosten harder stijgen dan het maximale KOT-uurtarief. Zo licht je ouders goed voor over hun werkelijke netto kosten — en laat je zien dat je een transparante, betrouwbare aanbieder bent.