Financiering overnames (ook voor 2029)
Jeroen Pernot2025-10-10T13:00:57+02:00De kern van het probleem
Veel kinderopvangorganisaties — zowel stichtingen als BV’s — hebben de afgelopen jaren financieringen afgesloten die deels zijn gebaseerd op:
-
Goodwill of overnamesommen (“de waarde van de onderneming”),
-
Toekomstige rendementen (cashflow-based lending),
-
of multiples op EBITDA (zoals bij overnames door holdings of franchiseformules).
In 2029 verandert dat fundamenteel:
De overheid erkent winst boven 6–8% ROE niet meer als “redelijk rendement”.
Financieringen die zijn gebaseerd op hogere rendementen kunnen daardoor structureel onhoudbaar worden.
2. Wat dit betekent bij de invoering van DAEB
Voor BV’s
-
Banken en financiers kijken opnieuw naar de cashflowcapaciteit vanaf 2029.
-
Omdat de winst daalt, neemt de dekkingsgraad (DSCR) af.
-
Leningen gebaseerd op goodwill of hoge winstverwachting verliezen onderpandwaarde.
Kort gezegd:
De balans “krimpt” niet juridisch, maar economisch: de winst waaruit rente en aflossing werden betaald, verdwijnt deels.
Financiers zullen daarom:
-
kortlopende leningen herzien,
-
of aanvullende zekerheden vragen (bijv. vastgoed of borgstelling).
Voor stichtingen
-
Stichtingen met vreemd vermogen op basis van toekomstige rendementen (bijv. financiering van nieuwbouw of overnames) krijgen te maken met een strakkere solvabiliteits- en liquiditeitseis.
-
Gemeenten, banken en waarborgfondsen zullen vragen om meer eigen vermogen of langere looptijden.