De DAEB is een te groot schip om nog te keren

Een groot deel van het debat gaat nog steeds over de vraag óf de DAEB er wel moet komen. Ik snap die vraag, maar ik denk dat we onszelf ermee voor de gek houden. Wat mij betreft is de DAEB een te groot schip geworden — te groot en te zwaar om nog tijdig van koers te veranderen. In dit stuk leg ik uit waarom ik dat vind, en waar ik denk dat de energie van de sector wél verschil maakt.
Het schip is al gekeerd
Kijk naar wat er is gebeurd. De toeslagenaffaire was de oorzaak: honderdduizenden ouders met terugvorderingen, een systeem dat aantoonbaar faalde. De gevolgen voor die ouders hebben de politiek doen kiezen voor een andere route — de subsidie rechtstreeks naar de kinderopvangorganisatie, niet meer via de ouder. Die keuze is gemaakt. En bovenop die keuze ligt een strak tijdpad: wil invoering in 2029 haalbaar zijn, dan moet de wet begin 2028 rond zijn. Bij elkaar betekent dat: het inregelen van de DAEB is inmiddels een gevolg, geen keuze meer. Wie blijft debatteren over 'of', debatteert over een schip dat de haven allang uit is.
Twee logische redeneringen, één beslissing
Dat wil niet zeggen dat de twijfels onzin zijn — integendeel. De gedachtegang van de landsadvocaat klinkt logisch: er is een reëel staatssteunrisico, dus dek je dat af met een DAEB. Maar de gedachtegang van Stibbe klinkt óók logisch: geen staatssteun, dus geen DAEB nodig. Twee knappe juristen, twee tegengestelde conclusies. Het punt is dat de minister moest kiezen — en dat hij, omwille van de uitvoerbaarheid en de tijd, de lijn van de landsadvocaat heeft gevolgd. Waarom hij die knoop zo doorhakte, lees je in Doorpakken onder tijdsdruk. Je kunt die keuze betreuren, maar het ís de keuze. En daarmee verschuift wat mij betreft de vraag die er nog toe doet.
Wil je up-to-date blijven?
Blijf op de hoogte van de ontwikkelingen rond de DAEB-aanwijzing en de nieuwe financiering van kinderopvang.
Schrijf je gratis in voor de nieuwsbrief van KDV Online.
Niet meer 'of', maar 'hoe'
Als het schip toch vaart, dan gaat het niet meer om de vraag óf we aan boord gaan, maar om hoe het schip wordt ingericht. En dáár ligt voor de branche echte invloed — meer dan in het blijven bevechten van het principe. De inhoud van de DAEB is namelijk nog lang niet dichtgetimmerd: de berekening van de 'redelijke winst', de kostprijsmethodiek, de verantwoording, de reikwijdte van de WNT — het meeste daarvan wordt pas bij algemene maatregel van bestuur ingevuld. Dát is de ruimte die er nog is, en die ruimte wordt de komende maanden beschreven, niet in 2029.
Er is ruimte voor ondernemerschap — pak die
En er is reden tot optimisme, want die inhoud hoeft geen keurslijf te worden. De minister was daar in het debat opvallend uitgesproken over. Hij noemde zichzelf "de grootste kapitalist in deze zaal" en zei dat ondernemers gewoon moeten kunnen blijven ondernemen — dat er in de kinderopvang "een lekker dikbelegde boterham" verdiend mag blijven worden. Hij voegde eraan toe dat hij het redelijk rendement "niet te strak" wil inregelen en daarover graag met de sector doorpraat. Dat is een belangrijk signaal: de DAEB is bedoeld om publiek geld verantwoord te besteden, niet om gezond ondernemerschap de nek om te draaien.
En laat ik eerlijk zijn: die opvatting deel ik van harte — ik ben in hart en nieren ondernemer. Ik vind het niet meer dan logisch dat wie goede, kwalitatieve opvang levert en zijn zaken op orde heeft, daar een stevige boterham aan verdient. Een begrensde 'redelijke winst' hoeft dat niet in de weg te staan, mits de norm verstandig wordt ingevuld. Maar 'verstandig' gaat niet vanzelf.
Daarom is dit mijn oproep aan de branche: ga met de minister in gesprek over de inhoud van de DAEB, niet alleen over het bestaansrecht ervan. Hij zégt die ruimte te willen — benut ze dan ook, aan tafel, met feiten en concrete voorstellen, zolang de AMvB's nog geschreven worden. Het schip keren lukt niet meer. Meesturen aan het roer nog wél. En dát is precies waar ik de sector zou willen zien.
Eén ding staat los van deze discussie: welke kant het ook op valt, de voorbereiding op de gevolgen begint nu. De ontwikkelingen en alle brondocumenten houden we bij in het juridisch dossier .
— Jeroen, KDV Online
Bronnen
Dit is een opiniestuk: het oordeel is van de auteur. De feiten eronder komen uit de onderstaande bronnen. De staatssteunconclusie is die van het kabinet en de landsadvocaat; de uitspraak van de minister over ruimte voor ondernemerschap komt uit het commissiedebat.
- Internetconsultatie — Wet financiering kinderopvang (de staatssteunconclusie en de nog in te vullen onderdelen: redelijke winst, verantwoording, WNT)
- Advies landsadvocaat — staatssteunaspecten (het staatssteunrisico dat de DAEB volgens het kabinet rechtvaardigt)
- Consultatiereactie Brancheorganisatie Kinderopvang (incl. juridische analyse Stibbe) (de andersluidende conclusie van Stibbe)
- Commissiedebat Kinderopvang, 25 juni 2026 (Debatdirect) — de keuze van de minister en zijn uitspraak over ruimte voor ondernemerschap
Wat betekent dit voor jóuw organisatie?
De artikelen op KDV Online leggen uit wát er verandert. De overstap naar het nieuwe financieringsstelsel raakt élke kinderopvangorganisatie — klein of groot, bv, stichting, eenmanszaak of vof. De nieuwe Wet financiering kinderopvang vraagt aanpassingen in je structuur, je administratie en je verantwoording, en die voorbereiding begint niet in 2029, maar nú.
De DAEB heeft bedrijfseconomische gevolgen — voor je rendement, je tarieven, je vermogensopbouw en de manier waarop je je financiering en structuur inricht. Dat zijn geen zaken die je op het laatste moment regelt. Wie te laat begint, kan straks niet meer bijsturen; wie nu voorbereidt, staat klaar voor de toekomst.
Binnenkort komen er tools, levende dossiers, webinars en opleidingen waarmee je de gevolgen voor jóuw situatie concreet in beeld brengt en je stap voor stap voorbereidt: waar je staat, wat je moet regelen, en wanneer. Wil je als eerste horen zodra dat er is?
Ik wil weten wat dit voor mij betekentZorgvuldig samengesteld — en open voor jouw kennis. Deze informatie is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld en gebaseerd op officiële bronnen. Zie je toch iets wat volgens jou niet klopt, of heb je een vraag? Laat het ons weten
Jeroen Pernot
Jeroen is oprichter van KDV Online. Zijn missie: grip op kinderopvang. Hij vertaalt de complexe stelselherziening richting 2029 naar de praktijk — van Kamerdebatten en adviezen tot wetgeving. Zo weet jij waar je aan toe bent en maak je onderbouwde keuzes.
De DAEB vraagt voorbereiding. Wil je sparren over wat dit voor jouw organisatie betekent? Ga dan met Jeroen in gesprek.
Ik houd je ook graag op de hoogte van de ontwikkelingen binnen het kerndossier DAEB Kinderopvang 2029. Meld je aan voor de nieuwsbrief en je bent als eerste op de hoogte.
Kostenprognose 2027

Met de Kostenprognose bereken je gratis de verwachte kostenstijging voor 2027, volgens de Ayit-methode. De inflatiecorrectie voor 2026 is al verwerkt, en je vult zelf je eigen cijfers in de velden in — zo krijg je een prognose die past bij jouw organisatie. Je ziet in één oogopslag hoeveel je kosten naar verwachting toenemen, wat de basis vormt voor een onderbouwd tariefbesluit voor het komende jaar.
Tarieventool 2027

Met de Tarieventool bereken je de netto bijdrage van alle inkomensklassen en zet je die af tegen de stijging van het netto loon als gevolg van je geplande prijsstijging. De KOT-tarieven voor 2027 zijn gebaseerd op de berekeningen van Ed Buitenhek (+3,3%). Je slaat verschillende scenario’s op en vergelijkt ze naast elkaar, zodat je precies ziet wat een tariefwijziging voor elke inkomensgroep betekent — en de uitkomsten kunt downloaden en delen met je oudercommissie.
Rekentool voor ouders

De meeste berekeningen gaan uit van het toeslagvoorschot. Deze rekentool corrigeert naar de eindafrekening: wat ouders na de definitieve toeslagberekening werkelijk betalen. Zo zie je de échte netto kosten van jóuw dienstverlening. En in 2027 dalen die voor veel ouders juist — terwijl jouw eigen kosten harder stijgen dan het maximale KOT-uurtarief. Zo licht je ouders goed voor over hun werkelijke netto kosten — en laat je zien dat je een transparante, betrouwbare aanbieder bent.